Vrouwen in de diplomatie - Gendergelijkheid als fundament
Vlamingen in de Wereld sprak met Lotte Ysenbrandt en Aurélie Duchateau, respectievelijk adjunct-Diplomatiek Vertegenwoordiger van Vlaanderen in Kopenhagen en Parijs, over hun diplomatieke loopbaan en de vertegenwoordiging van vrouwen in de diplomatie en het buitenlands beleid.
Leven op adrenaline
Voor Lotte noch Aurélie was diplomatie een uitgestippeld plan, wel een soort professionele microbe. Ze kwamen ermee in aanraking, werden besmet en raakten er niet meer vanaf. Lotte belandde via een Erasmusproject in Spanje in de internationale context, bleef in het buitenland hangen en ontdekte onder meer via Flanders Investment & Trade en later via de Vertegenwoordiging van Vlaanderen in Londen dat het diplomatieke werk haar op het lijf geschreven is. “Vanaf die dag ben ik altijd in de diplomatie blijven werken,” vertelt ze. Intussen telt ze achttien jaar ervaring. Aurélie proefde voor het eerst van het vak dankzij een stage op de Belgische ambassade in Canberra: “Wat mij ligt is de combinatie van intellectuele nieuwsgierigheid en maatschappelijke betrokkenheid.” Lotte knikt: “Die toewijding krijgt meteen een concrete vorm. Want zodra je ergens neerstrijkt, word je niet alleen professioneel, maar ook persoonlijk onderdeel van een nieuwe samenleving. Regelmatig verhuizen maakt deel uit van het diplomatenleven en het eerste jaar na een verhuis leef je bijna op adrenaline: alles moet tegelijk: werk, taal, sociaal leven, gezin. Maar die intensiteit geeft ook ontzettend veel energie.”
Nieuwsgierigheid
Meer dan dragers van een titel, zijn diplomaten bruggenbouwers die zich zonder valse bescheidenheid tussen mensen, instellingen en verwachtingen bewegen. In Parijs en in het Noorden draait het werk van Vlaamse diplomaten om schakelen van complexe analyses naar thematische diepgang, van onderhandelen tot het fijn afstemmen op lokale nuance. “Het vraagt een gigantische sociale batterij,” zegt Aurélie. Lotte benadrukt het belang van taal en dialoog: “Zelfs met tegenstanders blijf je in gesprek, dat is uiteindelijk de essentie van diplomatie. En als het kan, leer je best de lokale taal. Je vangt zo meer nuances op en bent minder aangewezen op gepolijste Engelstalige samenvattingen van nieuws of beleidsdocumenten.” Diplomatie heeft geen vaste vorm en net dat maakt het vak voor Aurélie zo aantrekkelijk: “Het vraagt nieuwsgierigheid en de bereidheid om door de bril van de ander naar jezelf te kijken. In een land als Frankrijk leer je met een gezonde dosis zelfzekerheid de kennis en innovatieve kracht die onze regio rijk is te vertegenwoordigen.” Lotte herkent dat: “Niet alles is beter in de Noordse landen. Vlaamse delegaties die naar het Noorden komen om bij te leren staan vaak versteld wanneer ze beseffen dat Vlaanderen het op veel vlakken even goed doet, en soms zelfs beter. Dat inzicht verrast velen.”
Vlaamse troeven
Hoewel ze elk vanuit één land opereren, strekt hun werkterrein zich breed uit. Aurélie schakelt tussen bilaterale en multilaterale dossiers, twee universums die vragen om een eigen perspectief. “In een centralistisch land als Frankrijk moet je veel pedagogie aan de dag leggen om uit te leggen hoe ons land werkt. Maar vergis je niet, de Fransen kennen Vlaanderen voor zijn know how in health tech, excellente universiteiten en wetenschappers, en state of the art hedendaagse kunst en dans bv. Bij multilaterale dossiers anderzijds komen zoveel belangen samen dat je mentaal constant moet meebewegen. Dat maakt Parijs met haar internationale organisaties des te interessanter en van Parijs zo’n bijzondere post.” Lotte werkt dan weer in een regio die gemakshalve als één geheel wordt gezien, maar waar grote verschillen schuilgaan. “De Noordse landen zijn geen monoliet. Voor veel beleidsdomeinen, denk aan welzijn, energie, mobiliteit of de groene transitie, wordt naar het Noorden gekeken, maar met vier landen in ons ambtsgebied moeten we scherp prioriteren.”
Niet enkel mannen
Het beroep van diplomaat evolueert snel, want waar diplomaten vroeger vooral achter de schermen opereerden, is de diplomaat van 2026 een wendbare generalist met een brede blik, iemand die zich soepel beweegt tussen uiteenlopende dossiers en in hoog tempo nieuwe uitdagingen aangaat. Het is een zichtbare actor in een hyper geconnecteerde wereld, iemand die niet alleen onderhandelt maar ook uitlegt, verbindt en vertaalt. In dat vernieuwde landschap zijn vrouwen meer aanwezig en bekleden ze met mondjesmaat meer sleutelposities. Lotte: “Volgens een studie van de denktank Women in Diplomacy van de London School of Economics and International Science is het percentage van vrouwen op ambassadeursniveau wereldwijd 20,5% (2023). De laatste tien jaar zou dat percentage slechts 5% zijn gestegen. "Een gelijkaardig cijfer geldt voor de Vlaamse diplomatie op het niveau van Diplomatiek Vertegenwoordiger waar het aantal vrouwen 21% bedraagt.” “Op ons niveau, dat van de adjuncten, is er wel veel vooruitgang geboekt: ongeveer 60% van het adjunctenkorps bestaat uit vrouwen. Het Departement Kanselarij en Buitenlandse Zaken heeft dan ook werk gemaakt van een meer gelijke genderverdeling in het korps door bijvoorbeeld meer rolmodellen naar voor te schuiven,” klinkt het unisono. Volgens Aurélie toont dit aan dat een genderstrategie werkt: “In Frankrijk hebben ze een ambassadeur verantwoordelijk voor gendergelijkheid en een feministisch buitenlands beleid. Frankrijk telt ongeveer 35% vrouwen op het niveau van ambassadeur, beduidend meer dan het wereldwijde cijfer.”
“De groeiende aanwezigheid van vrouwen in de diplomatie is geen PR-oefening. Diversiteit en inclusie zijn niet te onderhandelen kernwaarden van onze samenleving.”
Geen pinkwashing
De aanwezigheid van vrouwen is geen vakje dat moet worden afgevinkt, maar moet een evidentie zijn. Lotte en Aurélie benadrukken dat deze loopbaan niet enkel voor mannen is weggelegd. “Wij komen met evenveel mannen als vrouwen in aanraking. Alleen de perceptie is soms nog verkeerd”, klinkt het bij Lotte. “Maar dat hangt in Frankrijk af van het niveau en van de internationale organisatie waar men is. Dat er binnen UNESCO, de VN-organisatie voor onderwijs, wetenschap, cultuur en media, de ‘zachtere thema’s’, aanzienlijk meer vrouwen actief zijn dan bij de OESO - de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling - is dan ook niet verwonderlijk, vindt Aurélie. De groeiende aanwezigheid van vrouwen in de diplomatie is geen PR-oefening. Diversiteit en inclusie zijn niet te onderhandelen kernwaarden van onze samenleving, maar de doorstroming loopt wat achter. “Het bekende glazen plafond is slechts één van de vele drempels die doorstroming belemmeren. Ook de werk-privébalans, hardnekkige stereotypen, seksisme en online onzichtbaarheid spelen een rol. Over mogelijke oplossingen is al veel geschreven: van inclusieve mentoring en diversiteitsgericht aanwerven tot betaalbare kinderopvang, gendermonitoring en – vooral – een brede cultuuromslag”, zegt Aurélie. Lotte ervaart dit in de Noordse landen, waar beleid en cultuur elkaar versterken: “Ik geloof stellig, dat hier de sleutel ligt om de positie van vrouwen wereldwijd, niet enkel in de diplomatie, te verbeteren. Dat vergt een heel nieuwe manier van denken, en dat begint hier al in de kinderopvang.”
Jezelf blijven
En wat brengt hun toekomst, pakweg over tien jaar? “Waar dit pad ons zal brengen, weten we niet. Een diplomatieke carrière ziet er voor iedere diplomaat dan ook anders uit. Maar dat onbekende past net perfect bij de aard van het vak. Diplomatie laat zich nu eenmaal niet vangen in vaste patronen of voorspelbare loopbanen. Er bestaat geen standaard mal waaruit elke diplomaat wordt gegoten. Integendeel: het diplomatieke korps vormt een bont geheel van uiteenlopende levensverhalen en persoonlijkheden. Daarom is het zo belangrijk om vooral jezelf te blijven”, weet Aurélie. Die diversiteit is niet alleen een bron van rijkdom, ze maakt het beroep ook opvallend dynamisch. Wie als diplomaat in verschillende landen werkt, ontdekt pas echt hoe sterk omgangsvormen kunnen verschillen. “In Duitsland hecht men bijvoorbeeld veel belang aan titels: het oogt professioneel en schept meteen duidelijkheid. In de Noordse landen werkt te veel formalisme dan weer eerder averechts, en wordt bescheidenheid juist gewaardeerd. De kunst is om te blijven observeren, aan te voelen en je stijl subtiel aan te passen, zonder jezelf te verliezen,” besluit Lotte.
Info: fdfa.be
“Vrouwen versterken de Vlaamse diplomatie. Niet alleen omdat ze vrouwen zijn, maar omdat diversiteit onze blik verruimt, onze analyses scherper maakt en onze vertegenwoordiging sterker. Door drempels weg te nemen, en een organisatiecultuur te creëren waarin elk talent kan doorgroeien, creëren we een brede poel aan competenties en talent die elkaar aanvullen en versterken.”
Julie Bynens, secretaris-generaal van het Departement Kanselarij en Buitenlandse Zaken